In een poging om de A44 af te sluiten voor NAVO-delegaties, kwamen ongeveer twintig demonstranten van de groep Extinction Rebellion in actie. De politie, die zich al geruime tijd in de buurt bevond, zette snel maatregelen in om de blokkade te voorkomen. De A44 was afgesloten in verband met de NAVO-top die in Den Haag werd gehouden, en de demonstranten waren vastbesloten om de snelweg te bereiken.
Op de grens van Lisse en Abbenes stopten drie voertuigen—een personenauto, een huurbusje en een verhuiswagen—op ongeveer 250 meter van de snelweg. De demonstranten, die al te voet waren, hadden het plan om via het weiland naar de snelweg te lopen en daar hun blokkade op te zetten. De politie was al van tevoren op de hoogte van de actie en stopte hen snel voordat ze hun doel bereikten. Een agent waarschuwde de groep: "U bevindt zich in een veiligheidsrisicogebied. U mag hier helemaal niet komen." Ondanks de waarschuwingen probeerden de demonstranten de agenten te ontwijken en enkele van hen renden zelfs door een sloot die het weiland van de snelweg scheidt.
De politie zette flink in op de situatie. Niet alleen stonden er tal van politievoertuigen langs de weg, maar ook een politiehelikopter cirkelde boven de locatie. De A44 was afgesloten voor normaal verkeer en gereserveerd voor de delegatieleden die onderweg waren naar de NAVO-top. De blokkade werd snel verijdeld, maar de demonstranten lieten duidelijk zien dat ze bereid waren ver te gaan om hun boodschap over klimaatverandering en de gevolgen van politieke besluitvorming kracht bij te zetten.
De inzet van de politie en de blokkade van de snelweg tonen de ernst waarmee de autoriteiten dergelijke protesten proberen te voorkomen, vooral als ze de veiligheid van belangrijke politieke gebeurtenissen in gevaar zouden kunnen brengen. Dit incident benadrukt de spagaat waarin zowel demonstranten als de overheid zich bevinden bij het balanceren van het recht om te protesteren en de bescherming van de openbare orde.